Germaanse
Herinneringen een opleiding (1894-2004)
onder redactie van Freek Van de Velde en Geert Brône
23 x 17, 232 blz. 16.50 euro.

Vanaf volgend jaar staat het de student vrij twee talen te kiezen uit het pakket Nederlands, Frans, Engels, Latijn, Duits, Spaans, Italiaans, en Grieks, met dien verstande dat de laatste drie niet onderling gecombineerd kunnen worden. De bloedband tussen de Germaanse talen wordt dus doorgesneden. Nostalgici gewagen van een fatale aderlating. Voorstanders wijzen op het geweken gevaar op degeneratie door inteelt. Sceptici zeggen dat het een veeg teken is als de opleiding aan het infuus moet bij de romanisten en classici, branieschoppers profeteren dat de romanisten eindelijk behoorlijk Nederlands zullen kunnen spreken, of Engels zullen kunnen lezen.

Wat er ook van zij, als een 110 jaar oude opleiding ontbonden wordt, is er een gegronde reden om te rouwen, zelfs als wat komen moet, beter is. Een eerbare studierichting verdient een waardig afscheid. Adelbrieven hebben we niet. De naar verluidt vanouds Franstalige aristocratie heeft zich niet vermeid met het koeterwaals dat het grauw hier te lande spreekt. Het germanistenfalderappes drinkt liever trappist dan champagne. Wanneer de opleiding dit jaar plechtig ten grave gedragen wordt, zal de rode loper, de purperen lijkwade en de gouden katafalk prozaïsch verzinnebeeld moeten worden door het bruine tapijt in het Erasmushuis, de stofjas van Willy Van Dessel en een formica MSI-lessenaar. Maar een mooi bidprentje is er wél. Het is een lijvig boek geworden, met bijdragen van rouwdragers, die de kloeke moederborst van de Alma Mater nog gezoogd heeft: het zijn allemaal Leuvense germanisten, met een laatste huldeblijk op schrift.